maandag 4 juli 2011

‘We kunnen niet schieten, we zijn een krant’

Zes collega’s van Dmitri Moeratov, hoofdredacteur van de Russische krant Novaja Gazeta, zijn gedood. Even overwoog hij de handdoek in de ring te gooien, maar zijn journalisten hielden hem tegen. ‘Niemand wil terug naar de tijd van censuur.’


Zes zwart-wit portretten van de omgekomen journalisten en medewerkers van Ruslands meest kritische krant Novaja Gazeta (Nieuwe Krant). De foto’s hangen in een open, ronde ruimte waar buitenlandse journalisten die middag uitleg krijgen over het Rusland van president Dmitri Medvedev en premier Vladimir Poetin. Een blik op de foto’s moet heel wat duidelijk maken.
Het is donderdag 13.00 uur. Novaja Gazeta werkt aan haar derde en laatste editie van de week. De deadline nadert. Een persvoorlichter, over het algemeen beschouwd als de grootste ergernis van een journalist, haalt Dmitri Moeratov (48) uit een overleg. Het duurt even voordat de hoofdredacteur arriveert en plaatsneemt in zijn eigen kamer.

Onderdrukking
Achter hem in een vitrinekast staan twee boeken van Anna Politkovskaja, de bekendste omgekomen journalist van de krant. Ondanks de druk van de deadline oogt Moeratov rustig. Hij heeft een goeiige uitstraling met zijn grijze haren en dito baard. Hij verheft zijn stem alleen als hij zich opwindt. Drie jaar geleden was er een andere Moeratov te zien. Hij ontving een persvrijheidsprijs in de Verenigde Staten. In zijn dankwoord klonk zijn stem gebroken en stonden zijn ogen droevig. Zijn gedachten gingen op dat moment uit naar zijn vermoorde collega’s. Het was niet normaal dat hij daar stond in zijn smoking, sprak hij tot zijn gehoor. Vreugde voelde hij niet en zou hij ook nooit meer voelen.


Moeratov vormt met zijn Novaja Gazeta een eiland in het Russische medialandschap. Kritische televisiekanalen zijn er niet, kritische kranten nauwelijks. Enkele – maar daarvan is Novaja Gazeta vrijwel de enige die onderzoeksjournalistiek bedrijft naar corruptie binnen de overheid en bedrijfsleven, en de enige die niet bang is namen te noemen. De krant zat met haar verslaggevers Politkovskaja en Natalja Estemirova in Tsjetsjenië, waar ze verhalen schreven over burgers die door de overheidstroepen uit hun huizen werden gehaald, mishandeld, gemarteld en vermoord. Beiden hebben hun beroep moeten bekopen met de dood.
Moeratov richtte in 1993 samen met andere journalisten Novaja Gazeta op. De toen net ingestelde persvrijheid gold toen nog. Na jaren van onderdrukking onder het communisme liet de eerste Russische president Boris Jeltsin de teugels los. De groep wilde een krant maken die eerlijk, onafhankelijk, dagelijks en invloedrijk is. Die overal in Rusland is te verkrijgen en een oplage heeft van een miljoen kranten per jaar.

Angst
Moeratov bladert door de uitgave van 24 maart. Op de voorpagina staat een artikel aangekondigd over de vraag waar het geld van oliebedrijf Joekos, ooit eigendom van de gevangen Michail Chodorkovski, is gebleven na de overname door staatsbedrijf Rosneft. ‘Toen Poetin president was, heeft hij gezegd dat het geld van Joekos bestemd is voor hervormingen. Dat was 240 miljard roebel. Maar waar is dat geld?’ Bij het verhaal staat een foto van een vervallen huis. Moeratov – zichtbaar boos – wijst: ‘Kijk maar, er is niets met dat geld gebeurd. De bureaucratie steekt het in eigen zak. Ondertussen stijgen de prijzen van gas, water en elektriciteit en worden huizen niet opgeknapt.’
Artikelen zoals over het geld van Joekos vormen het uithangbord van Novaja Gazeta. ‘Onderzoeksjournalistiek is ons doel. Wij stellen vragen. We hebben ons altijd gericht op corruptiezaken. Als niemand de macht controleert, zal er altijd corruptie zijn. Er is geen politiek systeem. Er is geen concurrentie tussen politieke partijen. Er is geen parlement dat de premier controleert. De pers kan die taken wel vervullen.’


Dat onderzoek kent zijn prijs: zes dode medewerkers. Overleven is een hele opgave voor Novaja Gazeta, geeft Moeratov toe. Hij moet zijn mensen zien te beschermen. Na de dood van Estemirova in juli vorig jaar zette hij het journalistieke werk in Tsjetsjenië op een lager pitje. Hij vindt het werk daar niet nog meer mensenlevens waard.
Zijn journalisten laten zich niet tegenhouden. Hun drijfveer om de waarheid naar boven te halen wint het van de angst. ‘Na de dood van Politkovskaja (foto hierboven) wilde ik de krant sluiten. Maar de redactie verzette zich daar tegen. Ze wilden niet terug naar de tijd van censuur. Iemand moet de waarheid naar buiten brengen, want de televisie doet het niet.’

Censuur
Bij zijn aantreden begreep toenmalig president Poetin maar al te goed dat televisiezenders in overheidshanden moesten komen. De gewone Rus haalt zijn informatie immers vooral van dat medium. Hij legde kanalen aan banden en verving kritische journalisten door brave Kremlingezinde.
Toch wil Moeratov niet spreken over een volledig gebrek aan persvrijheid in Rusland. ‘Televisie is pure staatspropaganda en de overheid bezit de grootste kranten. Dat klopt. Maar wij kunnen informatie ontvangen via radiostation Echo Moskvi, het Russischtalige tijdschrift The New Times, onze Novaja Gazeta en internet. Wie echt wil weten wat er speelt, komt wel aan informatie. Die mensen weten ons te vinden.’ Maar die groep is niet groot, geeft hij toe: ‘Het is een minderheid: 5 à 10 procent. Het is de intelligentsia: artsen, kunstenaars, regisseurs, de top van het bedrijfsleven.’
Novaja Gazeta bestaat zeventien jaar na de oprichting nog steeds, ondanks alles. De krant bereikt per dag een miljoen mensen en brengt in verschillende steden aangepaste edities uit. Dat had anders kunnen verlopen. Als het Kremlin echt kwaad had willen doen, dan waren de deuren gesloten. Dat beseft Moeratov maar al te goed. Maar dat is (nog) niet gebeurd. ‘Voor een antwoord op de vraag waarom we bestaan, moet je niet bij mij zijn. Die moet je stellen aan de mensen die de macht in handen hebben.’ Novaja Gazeta is onderdeel van het spel van het Kremlin, geeft Moeratov toe zonder het met zoveel woorden te zeggen. ‘Als iemand beweert dat in Rusland censuur heerst, kan het Kremlin reageren met: maar we hebben toch Novaja Gazeta?’

Schijnwerpers
De krant eert haar verleden. Bij binnenkomst op de redactie, in de entreehal, staat een glazen vitrinekast. Het is een klein museum. Verschillende prijzen staan erin. Verder een foto van de vermoorde journalist Joeri Sjtsjekotsjichin. Bovenop de allereerste computer van Novaja Gazeta, een cadeau van oud-Sovjetleider en mede-eigenaar Michail Gorbatsjov. Daarnaast staat de grijze computer van Politkovskaja. In de kast haar boeken in verschillende talen.
De moord vier jaar geleden op Politkovskaja is niet opgelost. De opdrachtgever loopt vrij rond. Vanaf het begin is Novaja Gazeta bezig met een eigen onderzoek naar de dader. ‘Dat verloopt moeizaam. De Noord-Kaukasus behoort zonder twijfel tot Rusland, maar het is een speciaal, afzonderlijk onderdeel. De lokale machthebbers werken niet mee. De opdrachtgever heeft een nieuw paspoort gekregen en heeft Rusland verlaten. Amnesty International is een goede steun voor ons, dat houdt de zaak in de schijnwerpers zodat niemand vergeet wat er met Politkovskaja is gebeurd.’
De invloed van Novaja Gazeta is klein. Het Kremlin en bedrijven trekken zich niets aan van wat de krant brengt. Zo anders dan in Westerse landen wanneer politici en bedrijven zich dienen te verantwoorden als via de media naar buiten komt dat ze een misstap hebben gemaakt.


‘Het Kremlin leest onze verhalen. Maar er verandert weinig. Wij schrijven erover. Dat is onze manier. Wij zijn geen geheime dienst, geen politie. We kunnen niet schieten. We zijn een krant. Wij moeten laten zien hoe slecht de overheid werkt. Ons succes is dat onze lezers dit weten. Zij zien het. Ze weten waar de regering mee bezig is. Het belangrijkste is dat ons publiek zich een mening kan vormen op basis van onze artikelen.’
Soms valt er een lichtpuntje te noteren. De gemeente Moskou wilde dit jaar rond de viering van 9 mei (de overwinning op nazi-Duitsland) posters van Stalin in de stad ophangen. Opdat zijn rol tijdens de Tweede Wereldoorlog niet vergeten zou worden. Een discussie in maart dit jaar barstte los tussen voor- en tegenstanders, met de Novaja Gazeta in de laatste groep. De krant publiceerde posters van Stalin met vermelding van zijn gruweldaden tijdens de Tweede Wereldoorlog. Moskou bezweek onder de druk en besloot de posters niet te verspreiden. Een opgetogen Moeratov: ‘Onze missie is geslaagd.’

Dit artikel verscheen in het mei-nummer 2010 van Wordt Vervolgd, het tijdschrift van Amnesty International Nederland.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen