donderdag 16 juni 2011

Repressie is erger dan ooit

De Wit-Russische oppositie is monddood gemaakt. Haar leiders zitten in de gevangenis of zijn gevlucht naar het buitenland. Gisteren nog werd in Minsk een betoging van duizend jongeren uiteengedreven.


,,Helaas kunnen we elkaar niet ontmoeten in Wit-Rusland. Onze mensen zitten in de gevangenis of in het buitenland." Het is het antwoord via een mail van de Wit-Russische oppositiebeweging Charter'97 op het verzoek om een interview. Dan de Wit-Russische oppositiebeweging Europees Wit-Rusland: ,,U kunt coördinator Maksim Vinjarski ontmoeten." Drie dagen later: ,,Helaas, Vinjarski is gearresteerd en veroordeeld tot 15 dagen cel, maar u kunt Pavel Joechnevitsj ontmoeten."
De reacties zijn het gevolg van de jacht op de Wit-Russische oppositie. Die begon bijna zes maanden geleden op 19 december, de dag van de Wit-Russische presidentsverkiezingen. In een café in het centrum van de hoofdstad Minsk denkt Joechnevitsj (27), een activist van het eerste uur, er met huiver aan terug. ,,Wat toen is gebeurd, is vreselijk."

Dreun
Die dag kreeg de oppositie een dreun. President Alexander Loekasjenko, sinds 1994 aan de macht, won met bijna 80 procent van de stemmen. Een verkiezingszege bereikt met fraude, meenden de tegenstanders van Loekasjenko. Daarom togen ze op de avond van de uitslag naar het Oktoberplein, in het centrum van Minsk, om te protesteren tegen de uitslag. Het protest mondde uit in rellen tussen de oppositie en de politie. Zeshonderd oppositieleden, inclusief zeven presidentskandidaten, werden opgepakt.
In de dagen daarna volgde de ene arrestatie na de andere van mensen die hadden geprotesteerd. Onder hen Joechnevitsj. Hij zat tien dagen vast. Hij zegt het terwijl hij flauwtjes lacht naar het gebouw schuin achter hem: het hoofdkantoor van de KGB, de Wit-Russische geheime dienst.

Verloren
Zes maanden na de verkiezingen dwaalt de oppositie verloren rond. Een aantal opgepakte presidentskandidaten, waaronder Loekasjenko's grootste rivaal Andrej Sannikov, zijn veroordeeld tot celstraffen, die oplopen tot zes jaar wegens het organiseren van massaprotesten. De opgejaagde achterban, belangrijk voor het organiseren van acties, het maken van kranten en het bijhouden van websites, zit in de gevangenis of is gevlucht naar het buitenland.
De achterblijvers staan er alleen voor. ,,We missen symbolen. Een gezicht", zegt Igor Drako (37) in een koffiehuis in Minsk. Hij zat in het campagneteam van presidentskandidaat Alec Michalevitsj, die na te zijn vrijgelaten uit de gevangenis naar het buitenland is gevlucht. Joechnevitsj betreurt het gebrek aan daadkracht. Verder dan acties om posters van gevangen oppositieleden aan muren op te hangen komt hij niet. ,,We kunnen niet veel doen. We zijn met weinig."
Nooit zag de oppositie deze repressie aankomen. Juist richting de verkiezingen had Loekasjenko, die met harde hand Wit-Rusland leidt, onder druk van de Europese Unie de teugels laten vieren. De kandidaten konden zich met optredens op de televisie en interviews in kranten presenteren aan het volk. ,,Niemand had dit verwacht", zegt Drako. ,,Wij niet. De experts niet. We kregen juist meer vrijheid. Vroeger belandde weleens een oppositieleider in de gevangenis. Maar dan ging het om een of twee personen. Niet zeven tegelijkertijd."
De harde aanpak komt voort uit de lessen die Loekasjenko heeft geleerd van eerdere revoluties in Georgië en Oekraïne, meent de Wit-Russische politiek analist Andrej Ljachovitsj. ,,Loekasjenko heeft de rellen aangegrepen om toe te slaan. Hij heeft duidelijk willen maken dat in Wit-Rusland geen revolutie komt. Nu hangt de oppositie als een bokser in de touwen."

Wederopstanding?
Maar er liggen kansen voor een wederopstanding, vinden Drako en Joechnevitsj. Economisch staat Loekasjenko er momenteel zwak voor, menen de twee. Sinds de verkiezingen holt de staatsgeleide economie achteruit. Loekasjenko komt geld te kort, doordat hij voor de verkiezingen de ambtenarensalarissen verhoogde en door het gebrek aan exportinkomsten. De inflatie stijgt en vanwege de devaluatie van de Wit-Russische roebel in mei daalden de lonen in waarde. Uit onvrede hierover kwam het vorige maand in de Minsk Tractorfabriek, een staatsbedrijf, tot kleine protesten. Vorige week reden automobilisten toeterend door Minsk uit onvrede over de hogere benzineprijs. Een dag later kwam Loekasjenko met een verlaging. Joechnevitsj wil dat de gebroken oppositie aanhaakt bij de ontevreden burgers. ,,Loekasjenko is verantwoordelijk voor de economie. Hij heeft gezegd als een vader voor zijn land te zorgen. Nu voelen de mensen de crisis niet genoeg. Ze ontvangen nog salaris. Straks niet meer. In oktober willen we een groot sociaal protest houden."
Loekasjenko weet dat arbeiders als van de tractorfabriek een belangrijke steun vormen. Hij heeft geld nodig en hij is op zoek naar een lening. Begin juni zegden voormalige Sovjetlanden toe met een krediet van twee miljard euro te komen. Wit-Rusland heeft ook een noodlening aangevraagd bij het Internationaal Monetair Fonds.
De oppositie moet niet te lang wachten met protesteren, meent Ljachovitsj. Hij vindt oktober te ver weg. ,,De economische situatie kan snel veranderen. Als Loekasjenko een oplossing vindt, heeft de oppositie geen kans."

Dit artikel verscheen op 16 juni in De Standaard

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen