woensdag 8 september 2010

Onder de grond

Hij is onmisbaar voor de Moskouse voetganger: de perechod (oversteekplaats). De voetgangerstunnel die onder de wegen met het razende verkeer doorloopt of die je leidt naar de ingang van de metro. Het is een leven op zich in de perechod, en niet alleen in die van Moskou. Ook in die van Sotsji, Kiev en Sint Petersburg.
Voor wie wil oversteken in Moskou is het altijd zoeken naar een rechthoekig bord, waarop een mannetje (waarom geen vrouwtje) een denkbeeldige trap afloopt. Deze tunnels zijn vaak rustig. Hooguit met een straatmuzikant of verkopers die hun handel op tafeltjes of kleedjes hebben uitgestald.
De perechod die leidt naar de metro zijn het meest druk bezocht en daar wordt op ingespeeld. Aan de zijkant in de gangen bevinden zich kleine winkeltjes van ongeveer één bij twee met alleen een luik. Andere zijn groter en hebben zelfs een pashok. Ze verkopen van alles: broeken, nagellak, tassen, tijdschriften, ballonnen, lippenstift, mariabeeldjes, schuursponsjes, zwaarden, natuurlijk sigaretten, schoenen, broodjes (hun geur vult soms een hele tunnel), truien, frisdrank, speelgoedauto's, tweedehands telefoons, scheerspullen, binnenkort mutsen en panty's. Kortom, in de meeste gevallen spullen die je altijd nodig hebt en even snel wil kopen. De hoofden van menig perechodgebruikers zijn daarom niet voor niets steevast opzij gericht. Maar evengoed is het even kijken, kijken, niet kopen, niet kopen.
De verkopers maken zich daarom niet erg druk om hun klant. Rustig lezen ze op een kruk in hun winkel een tijdschrift, kletsen wat met een voorbijganger en drinken thee met andere verkopers. Pas als er echt zaken worden gedaan, komen ze in actie.
De perechod is ideaal voor de winter. Het is er warm, vaak ook door de lucht vanuit het metrostation. Zwerfhonden nestelen zich in een hoek. Bier drinken, afspreken en bijkletsen gebeurt onder de grond. Muziekgroepen treden op. Uitgerust met een versterker, gitaren, microfoon en drumstel kunnen ze rekenen op een vast publiek dat het op een dansen zet.
De perechod leent zich ook uitstekend voor aanslagen. Massa's mensen bewegen zich erin voort en vormen een makkelijk doelwit. Dat bleek ook op 8 augustus 2000 toen terroristen acht mensen opbliezen. Een herdenkingsteken bij het metrostation Poesjkinskaja herinnert zich hier nog aan. Elke dag liggen er bloemen. Een bewaker is er wel in de perechod. Hij heeft een eigen kamer, waar een bed en een televisie inpast.
De laatsten die in de perechod aan zet zijn, zijn de schoonmaaksters. Als de metro's rond 01.00 uur hun laatste rit rijden en de winkeltjes hun luiken hebben gesloten, komen de grijzige dames van minstens 55 jaar tevoorschijn. Gekleed in groene overalls ruimen ze de rotzooi op en vegen de grond van de perechod schoon.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten